Archive for the ‘goeie-gastcolumn’ Category
Na de fotografisch verantwoorde avonturen van Boudewijn Bollmann tijd voor een nieuwe Goeie Gastcolumn op MonoBrow. Ernesto ken je nog van z’n kritische kijk op de productie van mode. Daar heeft hij nog iets moois aan toe te voegen. Tijd voor zelfreflectie chief.
—————————————————
Hey pappi met je gele veters in je ‘ltd’ Nikers -#966 van only 10.000 made-.
Terwijl jij ’s ochtends je color-scheme zit uit te vogelen –toch maar je zwarte hesje over je full print shirtje, daaronder een skinny, of toch maar je casual joggingbroek?-, zitten honderdduizenden vrouwen enkele duizenden kilometers verderop al urenlang te zwoegen om tegen een hongerloontje de draadjes van je volgende H&M aankoop te knippen.
Eerder berichtten we al over de vaak barre omstandigheden waarin je kledingcollectie tot stand is gekomen, maar we begrijpen dat saaie artikelen over lelijke mensen ver weg, met saaie statistieken met saaie cijfers over saaie begrippen als ‘leefbaar loon’, ‘arbeidsrechten’ en ‘gedwongen overwerk’ nou nét even wat minder interessant zijn dan je dagelijkse hipster runoff-posting.
Het is niet eens je eigen schuld dat je aandachtsspanne door MTV en BNN is gereduceerd tot minimale blokjes makkelijk te verteren informatie. Mocht dat nou net het uitgangspunt zijn van de good folk bij de Schone Kleren Campagne, die onlangs een nieuwe actie zijn begonnen.
—————————————–
Geen saaie wetenswaardigheden over het vakbondsonvriendelijke klimaat in Vietnam, maar gewoon een leuk wijfie volgen in Bangladesh tijdens haar dagelijkse beslommeringen als naaister in een grote textielfabriek.
—————————————–
Ontmoet Romana, een jonge single vrouw met kind (instant turn-off), die zich dapper door alle shit heen weet te slaan. Ontvang regelmatig updates over de volgende creep/supervisor die haar loontje wel wil aanvullen, over haar culinaire hoogstandjes -rijst met aardappelen….elke dag weer- en wie weet wat nog meer.
Volg Romana op Hyves, Twitter en Facebook, of beleef haar Sweatsoap op haar eigen website. Man, ze staat nu al in mijn myspace top 8!
De Komende En Gaande Man is een column van Boudewijn Bollmann over straatfotografie met zo veel mogelijk schaamteloze linkjes naar z’n eigen werk min mogelijk vaktermen. Maar waar mogelijk met humor en relativering.
——————————————————
Toen ik drie jaar geleden begon met fotograferen had ik geen idee dat ik ooit echte straatvrienden zou krijgen. Mannen en vrouwen met mooie verhalen en geschiedenissen die er toe doen. Zwervers, daklozen, junkies: allemaal levendiger dan de hangende man achter zijn televisietoestel.
Ik luisterde, keek aandachtig en maakte foto’s wanneer zowel de straatman als ik dat nodig achtte.
Met sommigen trok ik een tijdje op en leerde ik het vergankelijke leven liefhebben. Gruwelijk leerzaam. Tegenwoordig brengt de fotografie mij het brood op de plank. Helaas heb ik dus minder tijd om te hangen met deze wandelende avonturen. Maar goed, we hebben de foto’s nog:
Dit is Cor Hoeks, de legende. Als je geen euro op zak had vroeg hij je te gaan pinnen. Klassieke zwerver zoals ze in films voorgesteld worden: krom, klein, en voorzien van vuige baard en paarse jas. Tot voor kort leefde Cor op straat. Daar heb ik hem vaak gefotografeerd. Een van de allereerste keren was in de kerk. Zijn oog was ontstoken. Nog steeds een van mijn beste zwart-wit foto’s.
Tegenwoordig staat Cor onder forensische behandeling. Je moet weten: hij is geen modelburger. Ongeveer twee keer per maand zoek ik hem op. Daar verheug ik mij altijd op. Cor is vrolijk en heeft simpele maar goede verhalen. Met niemand kun je zo goed over de kleine dingen praten als met Cor. Hij schildert ook graag. Zijn favoriete onderwerp is het hoofd van Ernie.
Raul is jonger dan ik maar heeft al een dochtertje. Zij woont samen met zijn vriendin in Suriname – waar hij oorspronkelijk vandaan komt. In Nederland leeft Raul bij zijn moeder en toen ik hem voor de eerste keer ontmoette (waar precies weet ik niet meer, maar in de bibliotheek zal het niet geweest zijn) was hij super high en gebruikte hij het ene bolletje na het andere.
Met zijn hoofd was hij er nooit echt bij. Toch was Raul een belangrijke dealer, een jonge ondernemer op straat. Trots en sterk binnen zijn eigen groep, maar kwetsbaar daarbuiten. Raul is nu afgekickt. Hij ziet er veel beter uit en zei laatst tegen me: een man moet werken, anders ben je geen man. Daar kan ik in komen. Volgens mij wil hij echt iets gaan maken van zijn leven.
Dirk ontmoette ik op een verloren zondag in het park, toen ik voor Jan van Tienen’s Citysounds een fotoreportage maakte over de verrotte plekken van Tilburg. Geleund over het stuur van zijn fiets dronk Dirk blikken bier en genoot hij van het eindige leven als man.
We praatten aan één stuk door – onder andere over zijn werk op de scheepswerf en in de metaalsector – tot het bier op was en we besloten dat het leven goed was. In de supermarkt waren we redelijk dronken en op het eind van de dag heeft hij me de daklozenopvang binnengepraat.
————————————————
Hier zie je nog veel meer straatmannen die ik ontmoet heb. Veertien van deze portretten heb ik destijds opgehangen in het openbaar, maar die werden gestolen. Zelfs hun foto’s blijven niet plakken.
Straatmannen gaan altijd hun weegs. Als dakloze of junk heb je veel shit aan je hoofd, maar je bent tenminste vrij. Ze slijten hun dagen op geheel eigen wijze. Eindeloos veel dagen, die hen gegeven zijn onder de zon.
De Komende En Gaande Man is een column van Boudewijn Bollmann over straatfotografie met zo veel mogelijk schaamteloze linkjes naar z’n eigen werk min mogelijk vaktermen. Maar waar mogelijk met humor en relativering.
——————————————————
In 2008 interviewde ik voor mijn afstudeerscriptie Peter Bas Mensink, hoofdredacteur van GUP Magazine. Dit is wat hij zei:
’Als mensen terugkomen uit New York hebben ze onderling allemaal dezelfde foto’s gemaakt; ze fotograferen wat zij zelf interessant vinden en denken te weinig na over wat anderen interessant zouden vinden.’
‘Voor ons Nederlanders is New York natuurlijk een totaal andere wereld en daardoor ontstaat het gevaar dat we juist die zaken gaan fotograferen, waarvan we allemaal denken dat ze net dat beetje anders zijn. Uiteindelijk blijken ook deze alternatieve beelden vast te liggen, gebaseerd op conventies. Waardoor onderling toch weer een homogeen beeld ontstaat.’
Dat homogene beeld houdt me bezig. Als ik zelf aan het fotograferen ben, probeer ik het te vermijden. Niet makkelijk! Wel makkelijk: het afkraken van andermans straatfoto’s. Toch is dit cynisme noodzakelijk om m’n eigen werk origineel en scherp te houden.
En daarom nu: straatfotografie – hoe het liever niet moet.
Deze poster hangt in minstens tienduizend studentenhuizen gruwelijk lelijk te wezen. Ikea, bedankt:
We zien gele taxi’s – met de nadruk op GEEL. En we zien het fenomeen dat sedert de komst van Photoshop ultravaak wordt toegepast. Eén kleur, de rest zwart-wit. Puur omdat het kan. Ik voel me een beetje misselijk worden. Hier nog twee van dit soort foto’s.
Voorbeeld twee: Urban Photography.
Wat is er zo urban dan? Foto’s van mededelingbordjes, leidingen en kraantjes, verlaten zetels, een trappenhuis. Elke keer weer dezelfde onderwerpen. De ene foto net wat schuiner dan de ander. De andere net wat meer scherptediepte dan de ene. Het internet staat er vol mee, het avontuur in de verlaten fabriekshal voorop.
Tot slot nog wat visuele trucjes. Van presets waarmee je digitale foto’s die blitse analoge look geeft (ga dan gewoon analoog fotograferen):
Tot Tiltshifting (fijne visuele truc, maar wat is nou precies de toegevoegde waarde? en HDR (twee foto’s met verschillende sluitertijden over elkaar heenleggen).
Goed, laten wij onze hoofden wat welverdiende afkoeling bieden. Peter Bas sluit af met wijze woorden:
“Je moet van te voren goed weten wat je wilt fotograferen. Als je niet weet naar welk beeld je op zoek bent, zul je het ook nooit vinden.“
DE KOMENDE EN GAANDE MAN #1
PROLOOG
Boudewijn Bollmann is een fijne fotograaf. En nu ook een columnist voor MonoBrow. Wat een leven.
—————————————————————————-
Zo nu en dan voel ik de bittere noodzaak om ergens over te schrijven. Dat kan in een dagboek, maar deze blog leent zich veel beter voor mijn onderwerp:
straatfotografie.
Het woord straat suggereert dat zulke foto’s per se op straat genomen moeten worden, maar in een (muf) kantoorgebouw, op de wc, in het park of pretpark telt ook.
Kortom: in alle openbare ruimtes. Of zoals de Engelsen het zeggen: in public. Aldaar spelen zich machtige taferelen af die – in al hun onnozelheid – een passende foto verdienen.
De Komende en Gaande Man is de titel van een serie blogs die ik de komende tijd ga schrijven. Natuurlijk met begeleidend beeldmateriaal in de vorm van foto’s. Samen doen ze een poging de schoonheid van de straatfotografie te ontrafelen.
Zodat jij als lezer zèlf aan de slag kan. Desnoods zonder fototoestel, want uiteindelijk draait het om de glimlach die de eindeloze stroom Ontelbaren* je op het gelaat doet toveren.
Het is een eerlijke manier van kijken, die straatfotografie. Je komt ergens aan, maakt de foto en gaat weer weg. Snel, gestaag, geconcentreerd.
Daartussen: de beproeving in het gelaat zien en een ultiem gevoel van geluk op de koop toe. Een vreedzaam scherpschutter, dat ben je. En als het goed is jaag je de momenten zelf een beetje aan.
In de eerstvolgende aflevering van De Komende en Gaande Man: veelgebruikte trucjes in de straatfotografie (gebruik ze niet).
(*de Ontelbaren: mensen die onze steden bevolken. Van daklozen tot superblitse zakenlui.)
Wiegertje zit in New York. Terecht. Want New York is als je moeder die je vraagt gehaktballen te maken wanneer je op vrijdagmiddag dronken thuiskomt. Meedogenlozer worden steden niet gemaakt.
Effe die update:
Hoe hard is New York?
‘New York is knetterhard. Ik heb nog nooit iets harders meegemaakt. (En ja, dat zei je moeder ook vannacht etc.)’
Wat doe je daar eigenlijk?
‘Voornamelijk uit het raam turen, en zien dat het goed is. Maar ik schrijf ook veel dingen, ik lees, ik schuim de nachtelijke straten af, winkel en kijk Keeping up with the Kardashians-marathons.’
Hoe hard lachen de mensen om je accent?
‘Niet superhard! Iedereen hier is nog in de veronderstelling dat Nederlanders acht verschillende talen spreken. Ik laat er lekker een ongegeneerd Amerikaans accent uitrollen, maar ben eigenlijk geschoold met een Britse tongval en dat is ook wel een groot succes. Aan mijn Queens-accent werk ik nog. Het is een proces.’
Hehe
‘Mijn naam krijgt hier trouwens een minder daverend applaus. Vrijwel niemand kan er iets mee, en ‘Wiegertje’ wordt voor het gemak maar afgekort tot V (spreek uit: vie). Dat is wel wennen, met een naam van drie lettergrepen waar geen ‘v’ in zit. Eén nieuwe beste vriendin kan het wel vlekkeloos uitspreken, en wordt daar dan ook alom om geroemd. Overigens stelde ze me toen ze een keer dronken was per ongeluk aan haar vrienden voor als This is Wiegertje. She doesn’t speak any English. Ik hou van haar.’
Vertel: waar gaat je toekomstige roman over die zich in NYC afspeelt?
‘Nee! Want ik denk niet dat een toekomstige roman zich in NYC gaat afspelen. Ik geloof niet dat een verhaal er relevanter van wordt als het zich hier afspeelt. (Zie: Giphart, Ronald. Phileine Zegt Sorry. Amsterdam: Balans, 1996.)’
Hoe lopen al die hipsters erbij?
‘New Yorkse Hipsters zijn uiterst gestudeerd nonchalant. Ik ben nog niet richting Williamsburg gegaan, maar in de Village is het skinnyjeans, morsig effen shirtje en opa’s zondagse schoenen wat de klok slaat. Ik hoopte op wat meer circus, maar isschien moet ik daarvoor dus naar Brooklyn.’
Wat is je meest classic New York foto?
Nog een bandje gezien dat wij pas over een half jaar snappen?
‘Nog niet. Ik ben wel naar de Teenagers geweest, iets wat we in Nederland al enige tijd doorhebben, en dat begon bij het publiek in de Bowery Ballroom pas net te dagen, voor zover ik kon zien.’
Die gasten zijn live behoorlijk ruk heb ik gehoord.
‘Verder heb ik tot dusver teveel mannen met gitaren en hartezeer meegemaakt. Mannen met hartezeer moeten uit de buurt van gitaren gehouden worden. Maar voor echte experimentele meuk moet je waarschijnlijk ook naar Brooklyn. Manhattan is te duur voor dat soort langharige onzin.’
Hoe zeg je in het New Yorks Dit was het weer. Tot de volgende keer?
‘Get out of my way, bitch! Oh, cute shoes!’




©